Het verbond en het Koninkrijk van God
door ds. Jenno Sijtsma
Alleen een theologie die een wig drijft tussen de goddelijke genade en de menselijke verantwoordelijkheid, kon op het onzalige idee komen om van een afzonderlijk werkverbond en een afzonderlijk, onvoorwaardelijk genadeverbond te spreken. Nogmaals: alle verbonden zijn werk- én genadeverbond, onvoorwaardelijk én voorwaardelijk, zijn een fijn samenspel van goddelijke genade en menselijke verantwoordelijkheid die nagekomen moet worden. Geen genade buiten de menselijke verantwoordelijkheid om; maar ook: geen werken onder de goddelijke genade waardoor zij slechts volbracht kunnen worden.
Dit indrukwekkende citaat komt uit deel IX van de Evangelisch-Dogmatische Reeks van de hand van Dr. Willem Ouweneel. De ondertitel luidt: Ontwerp van een verbonds-, doop- en koninkrijksleer. Onderwerpen, die tot het hart van het christelijk belijden en geloof behoren, en die niettemin tot heel veel discussie -en helaas zeg ik er maar gelijk bij – felle ruzie en scheuring hebben geleid en dat vandaag de dag nog steeds doen. Een tragiek, waar geen woorden voor zijn en die vanuit Gods Woord en Jezus’ hogepriesterlijk gebed in Johannes 17 in geen enkel opzicht te verantwoorden zijn, laat staan dat het zo door mag gaan.
De evangelische Ouweneel is zonder meer een markant geleerde en een veelzijdig theoloog. Wat hij in deze Evangelisch- Dogmatische Reeks aanbiedt betekent het wijzen van een Bijbelse weg die niet alleen begaanbaar is, maar die ook in alles oproept ernst te maken met het Evangelie en het samen luisteren naar Gods Woord. Zijn formuleringen laten niets aan duidelijkheid over, ook al zal hier en daar zijn betoog wel eens voor rimpels in het voorhoofd zorgen. Maar door alles heen spreekt hier een bewogen christen, die wil leven bij Gods Woord.
Genadeverbond
Ouweneel wil niets weten van een verbondsleer, laat staan van een uitverkiezingsleer, zoals die door de kerk veelal wordt geleerd. Hij schrijft: Er is in de Bijbel nergens sprake van dat God een verbond sluit met de gemeente als zodanig. De Schrift kent slechts verbonden die gesloten zijn met Israël. Ook als er gesproken wordt van `het nieuwe verbond’ wordt dat uiteraard (!) ook gesloten met Israël en is het te zien als een vernieuwing van het oude verbond. En wat de gemeente betreft, die mag delen in de zegeningen van het verbond dat God met Israël heeft gesloten. Het genadeverbond is `een zuiver theologische constructie’. Die absoluut verkeerde constructie draagt het grote gevaar in zich dat ervan uitgegaan wordt dat de kerk het geestelijk Israël is, in de plaats van het etnische uitverkoren volk Israël is gekomen, en ook dat de doop in de plaats van de besnijdenis is gekomen. Wat deze zogenaamde `vervangingstheologie’ of substitutionalisme voor Israël heeft betekend aan onderdrukking, vervolgingen en moord, en voor de kerk die door deze ongelukkige visie `verwereldlijkte en verheidenste’ heeft de geschiedenis de eeuwen door heel verdrietig laten zien.
Doopleer
Ook wat betreft de doopleer is Ouweneel helder in zijn formuleringen en toont hij uitvoerig aan dat de doop in de Schrift wel een `instelling van God’ is, maar `nooit en nergens met het verbond – welk verbond dan ook – in verband wordt gebracht’. De doop leidt de mens dan ook niet de kerk noch het verbond binnen. De doop is veeleer een reiniging en te zien als `een toegang tot het leger van God’ en de doop `leidt binnen tot het koninkrijk van God’. De volgorde in de Bijbel is altijd: geloven – dopen – en leren. De doop gaat dus aan het christelijk onderwijs vooraf, het is geen kennis maar geloofsovergave, geen eindexamen maar een toelating die de dopeling `brengt op het christelijke erf, opdat hij de zegeningen en geboden van de Heer juist zal leren kennen, of steeds beter leren kennen’. Het logisch gevolg van de doop is dat men een discipel van Jezus wordt en leeft in de navolging. Ouweneel is dan ook van mening dat met de babydoop als zodanig iets mis is en dat die niet stoelt op het Nieuwe Testament. Hij ziet twaalf jaar als een ideale leeftijd om gedoopt te worden `uiteraard met een zekere marge naar onderen en naar boven’.
Koninkrijksleer
Het koninkrijk van God is de heerschappij van God over hemel en aarde. God heeft de wereldheerschappij toevertrouwt aan Jezus, vandaar dat het soms ook in het Nieuwe Testament het Koninkrijk van de Zoon des mensen wordt genoemd. De messiaanse wonderen en tekenen die Jezus deed tijdens zijn bediening op aarde laten onmiskenbaar zien dat het koninkrijk was aangebroken. Onzichtbaar is dat Christus na zijn opstanding alle macht in hemel en op aarde daadwerkelijk gekregen heeft. Bestaat de Gemeente Gods uit individuele gelovigen, het koninkrijk der hemelen – dat een koninkrijk op aarde is – omvat gezinnen. `Elk kind in een christelijk gezin bevindt zich op het christelijk `erf’, ook al heeft het nog niet innerlijk deel aan het koninkrijk Gods’.
Binnen het koninkrijk Gods komt het op een waarachtig discipelschap aan. God vertrouwt de heerschappij over de wereld toe aan de mens, en de christen weet dat het koninkrijk met geweld te maken heeft omdat er voor- en tegenstanders zijn. Christenen zijn pelgrims, mensen onderweg, werkzaam in de wereld, ook voor de wereld, maar niet van de wereld dat alles `gericht op datgene waarheen die wereld op weg is: het koninkrijk Gods in macht en heerlijkheid`.
Met bovenstaande doe ik Ouweneel en zijn veelomvattende werk tekort. Er komt nog oneindig veel meer aan de orde, boeiende theorieën en soms ook ingewikkelde beschouwingen, teveel om hier op in te gaan. Bovenal ervaar ik het als een zegen dat de auteur in alles terug gaat naar en wijst op de Schrift, die een begaanbare weg ten leven wijst. En hoe men over zijn standpunten mag denken, het vraagt in alles een oprecht luisteren naar de Schrift.
Hier noem ik tenslotte een eenvoudiger uitgave Gereformeerden en Evangelischen, waarin Ouweneel samen met de gereformeerde dr. Jan Hoek over veel van wat in dit boek wordt besproken ingaat, ieder vanuit een eigen standpunt. Gesprekken over rechtvaardiging en heiliging, verbond en doop, kerk en ambt en christenen en de wet, met speciale aandacht voor de zondagsheiliging. Een leerzaam geheel. Prijs € 14,95.
Het verbond en het koninkrijk van God, door dr. Willem Ouweneel
Gebonden
580 pagina’s
€ 49,95
Gereformeerden en Evangelischen, door dr. Jan Hoek en dr. Willem Ouweneel
Ingenaaid
180 pagina’s
€ 14,95





